Madre mía, een auto

Dat ding op de foto, dat is sinds vandaag van mij. Mijn allereerste auto, heel raar vind ik het nog. En spannend, want ik moet er nog in leren rijden. Over hoe je in Spanje een tweedehands auto koopt. Een nieuwe aflevering van Alice in Wonderland, ofwel Lonneke in Asturias.

Amsterdam → fiets

Ik heb mijn hele volwassen leven in Amsterdam gewoond en gewerkt. Dan heb je een fiets. Veruit het snelste, fijnste en goedkoopste vervoermiddel. Gemiddeld fietste ik per week zo’n 50 tot 70 kilometer door de stad.

Nooit de behoefte gevoeld om een auto te bezitten. Als ik Amsterdam uit wilde, dan voldeed het openbaar vervoer prima. En voor die ene, uitzonderlijke keer had ik een Greenwheels abonnement.

Ik ben al die tijd een schijtluis gebleven in de auto. En vooruit, ik heb er ook geen talent voor.

Op mijn 32e haalde ik dan toch maar mijn rijbewijs. Maar ik ben al die tijd een schijtluis gebleven in de auto. Te weinig kilometers gemaakt om er ooit echt vertrouwd mee te raken. En vooruit, ik heb er ook geen talent voor.

Asturias zonder auto

Amsterdam soit, maar Asturias zonder auto? Ik heb me tot vandaag heel aardig gered, met enige hulp van autobezitters. Niet voor niks koos ik voor een huurappartement in Ribadesella. Ik woon zo ongeveer tussen het busstation en het treinstation in. Dat biedt opties.

Zo deed ik mijn grote boodschappen met de trein. Je moet het een beetje uitkienen met slechts vier treinen op een dag, maar er is een station schuin tegenover de Mercadona in Arriondas. Prima te doen.

Mensen vonden het maar raar, geen auto. ‘Ben je nou helemaal met al die spullen hierheen gekomen?’ Madre mía, ik ben toch niet van suiker?

Al vermoed ik dat ik de enige ben in Asturias die zijn boodschappen deed met de trein. Mensen vonden het maar raar, geen auto.

Eergisteren had ik een hele gezellige picknick in het groen. Kon je prima met het OV komen. Eerst de bus naar de Mercadona (dat kan ook) om inkopen te doen, toen een stukje met het treintje, anderhalve kilometer lopen en c’est ça. ‘Ben je nou helemaal met die rugzak en al die spullen hierheen gekomen?’ vroeg mijn gezelschap. Madre mía, ik ben toch niet van suiker?

Op zoek naar een auto

Maar ik wil wel toegeven dat het soms een klein beetje behelpen was. En ik was blij met de mensen die me toch maar af en toe een lift gaven. Bovendien, Ribadesella is niet het Asturiaanse platteland. En dus moest ik een auto.

‘Nee joh, je zet mannetjes voor je in. Mannetjes die je vertrouwt en die gaan dan op zoek voor je naar een auto.’

Ik weet niks van auto’s en ik wist ook niet hoe de markt voor tweedehands auto’s in Spanje in elkaar steekt. IJverig speurde ik op internet advertenties af. Vond het allemaal best duur wat ik aantrof.

Totdat ik hoorde dat het hier helemaal niet zo werkte. ‘Nee joh, je koopt hier geen auto op het internet. Je zet mannetjes voor je in. Mannetjes die je vertrouwt en die gaan dan op zoek voor je naar een auto.’ (Mogen ook vrouwtjes zijn, maar die zijn ook hier nog zeldzaam in deze branche.)

‘Ik weet een hele goede C15,’ zei Juan van de garage.

Via je netwerk dus, zoals bijna alles hier via je netwerk gaat. En niks online. Gelukkig mocht ik het netwerk van anderen gebruiken. En dus hadden er al snel twee verschillende monteurs de opdracht gekregen om uit te kijken naar een furgoneta, een bestelauto. Dat leek me wel handig. Ik zal hier aardig vaak spullen moeten vervoeren. Bijna had ik meteen beet. ‘Ik weet een hele goede C15,’ zei Juan van de garage in Arriondas.

Twintig jaar oud

Ik weet dus niks van auto’s, maar inmiddels kan ik er wel iets over vertellen. Hoe ze er hier op het platteland tegenaan kijken. Een Citroën C15 is een oud bestelbusje. Het is de opvolger van de Acadiane, waar wij eind jaren 70 mee op vakantie gingen. Ik herinner me een vast beeld op de Franse camping. Mijn vader, voorover gebogen onder de motorkap.

‘Zo’n C15, die kun je tenminste afraggen.’

De meeste C15’s zijn inmiddels een jaar of twintig oud. Ze zijn hier dol op oud. Zoals een Asturiaanse vriend het zegt: ‘Zo’n C15, die kun je tenminste afraggen.’ Nee, zo maken ze ze tegenwoordig niet meer. Het werd me van meerdere kanten aangeraden: neem zo’n twintig jaar oude bak, waarvan je de raampjes nog gewoon met de hand kunt opendraaien. Je moet even voorgloeien voordat je weg kunt rijden, maar ze zijn niet stuk te krijgen. En anders zijn ze wel te repareren.

Lekker sleutelen onder de motorkap. Ik zag het helemaal zitten.

Een lullig klein autootje kan ook. Om een beetje mee te oefenen.

Maar ik hoorde niks meer van Juan. En na een week kwam het bericht dat de C15 helaas al verkocht was. Ik haalde opgelucht adem. ‘Misschien hoef ik toch niet zo persé een furgoneta,’ opperde ik. ‘Een lullig klein autootje kan ook, om de eerste jaren een beetje mee te oefenen.’ Maar nee, daar kwam ik hier de berg niet mee op.

Xsara Picasso

Ik ging op mijn handen zitten, zoals het hier blijkbaar hoort. Wachtend tot een van de monteurs een geschikte, afgeragde bak voor me had gevonden.

Totdat er gelukkig iemand tegen me zei: ‘Kom, we gaan eens bij wat garages kijken wat ze hebben staan.’ Bij de eerste de beste garage in Cangas de Onís stond een furgoneta te koop. Maar zonder achterbank en dat leek me toch ook weer niet zo praktisch.

Ernaast stond een Citroën Xsara Picasso. Een monovolumen in het Spaans. Geen idee hoe dat in het Nederlands heet, maar zo’n auto waarbij je heel veel laadruimte krijgt als je de achterbank opklapt. En bij de Xsara Picasso kan de achterbank er zelfs uit. ‘Heb je bijna net zoveel ruimte als in een furgoneta,’ zei de garageman.

Zestien jaar oud, 280.000 kilometer op de teller, maar het leek een goede deal.

Ik was de garageman dankbaar. De auto was allesbehalve nieuw, maar hij leek op een normale auto. Zonder voorgloeien en afraggen. Een auto waarvan ik dacht dat ik er misschien wel in durfde te rijden.

Goed, zestien jaar oud en ruim 280.000 op de teller, maar ja, ik wilde er ook weer geen godsvermogen aan uitgeven. En het leek een goede deal. Ik kreeg er nieuwe banden bij en een nieuwe distributieriem. Ik weet nu dus wat dat is. Ongeveer. En een verse ITV (de Spaanse variant op de APK).

Geduld

Maar het was niet inpakken en meenemen. Geduld is hier nog een schone zaak. Want ja, misschien was er nog wel wat beters te koop en hoe wist je nou of je zo’n garageman kon vertrouwen? En dus zijn we weer vertrokken, heb ik nog een tijdje rondgekeken en uiteindelijk bedacht dat ik nog steeds graag die Xsara Picasso wilde. Alleen al vanwege de kleur. Die vind je tenminste terug op het parkeerterrein.

Ik wilde die Xsara Picasso. Alleen al vanwege de kleur.

Een week later was ik weer terug bij de garage, dit keer met mensen met verstand van auto’s. En – heel belangrijk naar het schijnt – er was een man bij. Die heeft eens even vakkundig op wat pedalen getrapt en aan wat hendels getrokken en de auto vervolgens goedgekeurd.

Garageman en ik hebben nog een dag of tien met elkaar gemaild en gebeld.

Maar toen waren we er nog niet. Hij moest nog opgelapt, hij moest een verzekering, de papierwinkel moest geregeld en hij moest door de keuring. Garageman en ik hebben nog een dag of tien met elkaar gemaild en gebeld, maar vandaag was het zo ver. Ik mocht hem ophalen. Met de bus natuurlijk. En dan nog een stukje lopen.

Nul rijervaring

Ik heb dus nul rijervaring en al helemaal niet in een zestien jaar oude auto in bergachtig Asturias. Met het zweet onder de oksels reed ik dat ding dat nu van mij was vanaf de garage de weg op. Ik kwam er zowaar veilig mee aan in Ribadesella.

En nu staat er dus een auto voor de deur. Ik zal voorlopig nog elke keer moed moeten verzamelen om erin weg te rijden. En zorgen dat ik niet automatisch naar het bus- of het treinstation loop. Madre mía, waarom moest ik zo nodig een ander leven?

7 Comments

  1. mariimma 10 mei 2018 at 09:45

    Wauw…. tis echt zo’n “Grote mensen auto”!

    Heel veel succes met wennen. Ennuh… touren is best leuk… echt!

    Reply
    1. Lonneke 10 mei 2018 at 14:13

      Ja hè, zo’n gezinswagen… Ik denk dat ik het uiteindelijk ook wel leuk ga vinden, maar nu nog niet 😉

      Reply
  2. Pasja 10 mei 2018 at 14:22

    Blitse bak joh!
    En dat schijtluizige, ben ik ook hoor. Ook al rij ik al jaren..vooral hellingen en bruggen(en dus heuvels/bergen). Klotsende oksels als ik weer aan moet rijden vanuit stilstand. Ben altijd zo bang dat ik weer naar beneden rol…
    Vroeger reed ik dan rustig 20 km om zodat ik niet voor een open brug hoefde te wachten:)

    Reply
  3. Cecile 10 mei 2018 at 18:40

    Gefeliciteerd! En nu elke dag een stukje! Al is het maar een klein stukje en zonder reden of doel!

    Reply
  4. Gerlinde 11 mei 2018 at 00:01

    Fijne auto toch? We zijn hier ook huiverig voor al te nieuwe auto’s. Te veel electronica en dat kan de man niet opknappen zelf. Heb hier ook lang niet gereden, maar de laatste tijd weer wel. Gelukkig doen ze hier aan makkelijke en riante parkeerplekken.
    Zo’n auto is ideaal als je dingen ophaalt als je straks aan je eigen huis gaat klussen.

    Reply
  5. Greet 11 mei 2018 at 10:39

    Mijn dochter in Madrid vond het allemaal wat eng met de auto, na jaren niet rijden en lessen in Nederland. Ik gaf haar als tip gewoon een paar lessen bij een Spaanse rijschool te nemen en die dingen te oefenen die ze nog eng vond. Werkte goed voor haar.

    Reply
    1. Lonneke 11 mei 2018 at 14:09

      Kan best zijn dat ik dat nog ga doen. Een vriend hier heeft ook aangeboden om een keertje naast me te gaan zitten om wat rare manoeuvres te oefenen 😉

      Reply

Leave A Comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *