Voor de zekerheid

Voor de zekerheid

Hoe zorg je ervoor dat je er warmpjes bij zit?

Met enige regelmaat krijg ik de vraag waar ik straks van ga leven en hoe het moet als ik arbeidsongeschikt word of te oud om te werken. Het eerlijke antwoord is dat aan mijn keuzes risico’s kleven.

Als je niet teveel hangt aan luxe en bereid bent om je aan te passen aan de omstandigheden, dan vergaat de wereld echt niet zo snel. (Echt niet, zeg ik zachtjes tegen mezelf.)

Over onze behoefte aan zekerheid en de belemmeringen die dit met zich meebrengt.

 Financiële zekerheid

Regelmaat en voorspelbaarheid, weten waar je aan toe bent, de meeste mensen vinden het fijn. Helemaal als het om financiële zekerheid gaat. Het is een van de redenen waarom het pensioendebat zoveel emoties oproept. Opeens wordt er getornd aan iets dat rotsvast leek. Sterker nog, waar je recht op had.

Het grootste deel van de werkenden – ook jongeren – verkiest nog steeds een vast contract boven de leukste baan. En we verzekeren ons voor en tegen alles.

Veel te verliezen

Waarschijnlijk heeft die sterke behoefte aan zekerheid te maken heeft met ons hoge welvaartsniveau. We hebben simpelweg veel te verliezen. Als je een goede baan hebt met dito salaris, dan is de kans groot dat je ook een hoge hypotheek hebt, dure kleding draagt, luxe spullen in huis hebt en regelmatig op vakantie gaat. Je hebt ongetwijfeld een sociale omgeving die op dezelfde manier leeft. Dat hele kaartenhuis dondert bij verlies van je baan of je relatie misschien zomaar in elkaar.

Genieten van het nu

Mensen als Martin, Rebecca en Siets (uit de interviewserie Pioniers) krijgen regelmatig de vraag hoe ze het ‘geregeld’ hebben voor het geval ze arbeidsongeschikt of oud mochten worden. Hun antwoorden zijn vergelijkbaar en behoorlijk verfrissend. ‘Als ik uiteindelijk blut sterf aan onderkoeling onder een brug, dan heb ik een heel mooi leven gehad,’ is het droge antwoord van Martin.

‘Als ik me hier echt druk over zou maken, dan zou ik naar Nederland terug moeten gaan en een fatsoenlijke baan moeten zoeken.’

Ik maak me niet zoveel zorgen over later,’ zegt Rebecca. ‘Mensen beginnen vaak over mijn pensioengat. (…) Als ik me hier echt druk over zou maken, dan zou ik naar Nederland terug moeten gaan en een fatsoenlijke baan moeten zoeken.’ 

‘Wellicht wordt er geen pensioen meer uitgekeerd over 20 jaar. Niets in het leven is gegarandeerd.’

Siets zegt hierover: ‘Natuurlijk denk je wel na over hoe het over 10 jaar moet, maar je leven kan dan ook compleet anders zijn. Als je er niet meer bent, dan is al dat gespaarde pensioen ook voor niets. Om nog maar te zwijgen over het feit dat er wellicht geen pensioen meer uitgekeerd wordt over 20 jaar. Niets in het leven is gegarandeerd, dus carpe diem en geniet van het nu.’

Gouden kooi

Met een beetje calvinistische inslag zou je ze flierefluiters kunnen noemen. Waarschijnlijk had ik dat een paar jaar geleden ook gedaan. Ik hing aan mijn zekerheden. Een vaste baan, een pensioen en na een Amsterdamse wooncarrière van zestien jaar had ik eindelijk een fijn koopappartement bemachtigd. Ik beschouwde het als verworvenheden. Was het niet heel ondankbaar en onverstandig om dat allemaal weer op te geven?

Ik leefde niet het leven dat me het meeste voldoening en geluk gaf, maar het leven met de minste risico’s.

Ergens in 2015 besefte ik dat ik een kooitje voor mezelf had gebouwd. Een gouden kooi weliswaar, maar ik had mezelf vastgeklonken aan zekerheden. Ik leefde niet het leven dat me het meeste voldoening en geluk gaf, maar het leven met de minste risico’s.

Overigens was mijn oude leven ook niet zonder risico’s. Een vast contract betekent niet dat je niet ontslagen kunt worden. Pensioen en AOW zijn allesbehalve zekerheden voor mensen van mijn generatie en jonger. En ik had een forse hypotheekschuld die me zomaar de das om zou kunnen doen bij stijgende rentes en dalende huizenprijzen. Bovendien: het laatste dat gegarandeerd wordt is het leven zelf. Er worden ook mensen van mijn leeftijd ziek en er gaan zelfs mensen van mijn leeftijd dood.

Risico’s

Wat is de waarde van zekerheden als ze je weerhouden van doen wat je het liefste doet? Martin, Rebecca en Siets wisten het antwoord op deze vraag. Ze verkozen een leven met iets meer onzekerheden en veel meer voldoening en geluk.

Bij avontuur horen risico’s.

Inmiddels krijg ik de ‘wat als’ vragen ook. Waar ga je straks van leven? Hoe moet het als je oud wordt? Wat gebeurt er als je arbeidsongeschikt wordt? Natuurlijk denk ik hierover na, maar ik heb er geen waterdichte antwoorden op. Ik ben langzaam de veilige haven aan het verlaten, op weg naar het avontuur. En bij avontuur horen risico’s. Misschien vind ik ze mijn geluk wel waard. En waar het enigszins kan, creëer ik bescheiden vangnetten.

Waar ga ik straks van leven?

Het oorspronkelijke plan was om van mijn inkomsten als tekstschrijver te gaan leven. Door vanuit Spanje te (blijven) werken voor opdrachtgevers in Nederland. Inmiddels denk ik dat het om verschillende redenen beter is om tekstschrijven als bijverdienste te zien en niet als mijn belangrijkste bron van inkomsten.

Mijn voornaamste inkomsten zullen naar verwachting uit de verhuur van een vakantiehuisje komen. Wellicht uitgebreid met een tweede vakantiehuisje of de mogelijkheid om groepen te ontvangen voor cursussen en retraites. En wellicht wandelaars en pelgrims. Afhankelijk van de plek die ik vind, de locatie en de mogelijkheden er zijn.

Is dit alles solide? Nou nee, of in ieder geval een stuk minder solide dan een baan in loondienst bij de gemeente Amsterdam. Maar het leven is te kort om op kantoor te zitten.

Arbeidsongeschikt?

Als ik arbeidsongeschikt word, heb ik een groot probleem. Maar laten we eerlijk wezen, wie wordt er in Nederland tegenwoordig nog 100% arbeidsongeschikt verklaard? De grootste groep mensen die langdurig ziek thuis zit, heeft psychische klachten. Overspannenheid, burn-out, verstoorde werkrelaties. Met het opzeggen van mijn kantoorbaan heb ik de beste zet gedaan om dit type klachten te voorkomen.

Ik kan me weinig ziektes of vormen van lichamelijk letsel bedenken waarbij ik nooit meer zou kunnen werken, maar nog wel verder zou willen leven.

Verder zou ik arbeidsongeschikt kunnen worden door een ongeval of ziekte. Maar ik kan me weinig ziektes bedenken waarbij ik nooit meer zou kunnen werken, maar nog wel verder zou willen leven. De kans op botbreuken en ander letsel is natuurlijk wel beduidend groter geworden. Ik glibber dagelijks door de modder, ik ren trappen op en af met emmers water, ik werk met grote dieren, met bijlen en ander gereedschap. Ik kan me allerlei soorten blessures voorstellen. Voor het geval ik tijdelijk uit de running raak, heb ik voorlopig een ruime financiële buffer.

Oud?

En wat als ik oud word? Dat vraagt om een aparte blogpost (coming up). Ik ben namelijk niet de enige die over oud worden en pensioen zou moeten nadenken. Je zou het ook moeten doen als je in gewoon Nederland woont en een baan in loondienst hebt. Pensioen is niet zo vanzelfsprekend meer.

Wat als het fysiek echt niet meer gaat? Eerlijk gezegd: ik weet het niet.

Wat als dat fysiek echt niet meer gaat? Eerlijk gezegd: ik weet het niet. Misschien wil ik dan wel terug naar Nederland en misschien ook niet. Misschien heb ik dan een partner en misschien ook niet. Of misschien ben ik dan al jaren terug in Nederland. Zekerheden loslaten betekent ook dat ik niet op elke ‘wat als’-vraag een antwoord heb.

Ander type verzekering

Er is nog wel een andere ‘verzekering’ die ik mezelf wil meegeven. Zorgen dat je weinig nodig hebt. Als je van weinig geld per maand kunt leven, als je genoegen kunt nemen met eenvoud, dan bespaar je jezelf al voor een groot deel het risico op ongelukkig worden. Ik wil mijn uitgaven dus laag houden en voor een deel zelfvoorzienend gaan leven. En leven zonder hypotheek en wellicht ook (grotendeels) zonder water- en energierekening. Verder komt er een op permacultuur gebaseerde moestuin.

Overgeorganiseerd

De behoefte aan zekerheid wordt sterk bepaald door de omgeving waarin je leeft. Nederland is een overgeorganiseerd land. Dat zorgt weleens voor schijnveiligheid en een beperkter verantwoordelijkheidsgevoel. Het maakt mensen boos als blijkt dat ze langer moeten doorwerken of als hun pensioen toch niet zo waardevast is als ze dachten.

Je kunt je niet tegen alle risico’s indekken, maar je kunt er wel voor zorgen dat je voldoende vaardigheden en creativiteit ontwikkelt om je te kunnen aanpassen aan de omstandigheden.

Ik maakte het afgelopen halfjaar andere situaties mee. In het Ezelparadijs moesten we afgelopen zomer zelf ons drinkwater gaan halen. Konden we heel boos worden op de lokale overheid, maar daar kregen we geen water van. In de Andalusische bergen sneeuw je in de winter gewoon in. Dan moet je simpelweg je voorraden op orde hebben. Rijkswaterstaat komt echt niet strooien.

Dat is wat ik hier leer. Je moet voor jezelf zorgen (en voor elkaar). Je kunt je niet tegen alle risico’s indekken, maar je kunt er wel voor zorgen dat je voldoende vaardigheden en creativiteit ontwikkelt om je te kunnen aanpassen aan de omstandigheden. En misschien is dat when the shit hits the fan wel meer solide dan al die officiële vangnetten en verzekeringen.

En misschien ook niet. Maar dan heb ik in ieder geval geleefd.

10 gedachten over “Voor de zekerheid

  1. Een bekende tweestrijd. Je kan je inderdaad voor alles proberen in te dekken van wieg tot graf, en daar zijn we als Nederlanders erg goed in, maar volgens mij vergeten nog steeds te veel mensen echt te leven.

    Who Dares, Wins!

    1. Ja dat dus, dat vergeten om echt te leven. Ik moest in 2015 echt weg van kantoor en met een rugzak over het Franse en Spaanse platteland trekken om dat scherper te zien.

  2. Flexibiliteit is key! Beetje vooruit kijken mag wel, is vaak ook wel erg handig, maar je hoeft niet overal een antwoord op te hebben lijkt me. Kortom, lekker door gaan Lonneke! Doe wat goed voelt.

    Oh, en over 20 jaar hebben we echt nog wel pensioen, denken dat dit niet het geval is met het vermogen dat wij in Nederland met zijn alle hebben opgebouwd is wel erg doom & gloom. Wordt het misschien minder? Dat zou me niet verbazen, om over de AOW nog maar te zwijgen.

    1. Inderdaad, flexibiliteit!

      Ik denk niet dat er niks meer overblijft van mijn pensioen, maar wel dat het steeds meer uitgekleed wordt en wij er een stuk minder van terugzien dan de huidige gepensioneerden. Versoberingen zoals van een eindloonregeling naar een middelloonregeling gaan we nog meer krijgen.

      We hadden ooit 7 werkenden op 1 gepensioneerde. Inmiddels is die verhouding ongeveer 3 op 1 en we gaan in Nederland naar 2 op 1. Reken maar uit. Op dit moment dragen mensen in loondienst gemiddeld al 25% van hun bruto salaris af aan hun pensioenfonds, maar dat is voor de lange termijn dus niet genoeg.

  3. Mooi . Mee veren wat wat er gebeurt. Ik geef je groot gelijk. Je weet nooit wat er gebeurt inderdaad maar weet je, dat zie je dan wel. Van vermijdend gedrag is nog nooit iemand geukkig geworden

  4. Wat een mooie overweging. Wat je schrijft, zorgen dat je weinig nodig hebt is een enorm goede verzekering. Je kan je blind staren op 70% van je laatst verdiende inkomen willen hebben, minimaal. Maar wat als je amper wat nodig hebt om van te leven? Ik hoef geen luxe appartement of groot huis en dus hoef ik ook niet wakker te liggen van het afbetalen van de hypotheek van zo’n onderkomen. Heb geen zin om mijn hele leven krom te liggen voor (schijn)zekerheid voor een leeftijd die ik eerst nog maar eens moet zien te halen.
    Mijn koophuis in NL was ook ‘zekerheid’ volgens veel mensen. Tja, voor mij toch vooral de zekerheid dat ik over twintig jaar zou zeggen ‘had ik maar…’

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *